Inkscape tutorial: Geavanceerd

Bulia Byak (buliabyak@users.sf.net) en Josh Andler (scislac@users.sf.net)

Deze handleiding behandelt kopiëren/plakken, knooppunten wijzigen, tekenen uit de vrije hand, Bezier-tekenen, padmanipulatie, booleaanse bewerkingen, offsets, vereenvoudiging en het tekstgereedschap.

Gebruik Ctrl+Pijltjestoetsen, muiswiel of middenmuisknop om naar beneden te scrollen. Voor de basis van objecten maken, selectie en transformatie, zie de Basishandleiding in Help > Handleidingen.

Plaktechnieken

Na het kopiëren van objecten met Ctrl+C of knippen met Ctrl+X, plakt de reguliere opdracht Plakken (Ctrl+V) de gekopieerde objecten rechtsonder de muiscursor of, indiende cursor zich buiten het venster bevindt, in het midden van het documentvenster. Echter, de objecten op het klembord onthouden nog steeds de originele plaats vanwaar ze gekopieerd werden zodat je ze daar terug kan plakken met Op positie plakken (Ctrl+Alt+V).

Een andere opdracht, Stijl plakken (Shift+Ctrl+V), past de stijl van het (eerste) object op het klembord toe op de huidige selecte. De geplakte “stijl” bevat de instellingen voor vulling, lijn en lettertype, maar niet voor vorm, grootte of vormspecifieke parameters, zoals het aantal stralen van een ster.

Nog een andere set plakopdrachten, Grootte plakken, schaalt de selectie naar de gewenste grootte van de klembordobject(en). Er zijn verschillende opdrachten voor het plakken van de grootte: Grootte plakken, Breedte plakken, Hoogte plakken, Grootte apart plakken, Breedte apart plakken en Hoogte apart plakken.

Grootte plakken schaalt de volledige selectie naar de totale grootte van de klembordobject(en). Breedte plakken/Hoogte plakken schaalt de volledige selectie horizontaal/verticaal naar de breedte/hoogte van de klembordobject(en). Deze opdrachten houden rekening met het slot op de hoogte/breedte verhouding in de gereedschapsdetailsbalk van het selectiegereedschap (tussen de velden B en H). Wanneer het slot is ingedrukt, zal de andere dimensie van het geselecteerde object in dezelfde mate geschaald worden; zoniet blijft de andere dimensie onveranderd. De opdrachten met “apart” werken op dezelfde wijze, behalve dat ze elk object afzonderlijk schalen naar de grootte/breedte/hoogte van de klembordobject(en).

Het klembord is systeembreed - je kan objecten niet alleen kopiëren/plakken tussen verschillende Inkscape vensters, maar ook tussen Inkscape en andere toepassingen (die SVG moeten kunnen afhandelen om dit te gebruiken).

Uit de vrije hand en regelmatige paden tekenen

De eenvoudigste weg om een arbitraire vorm te maken, is deze (uit de vrije hand) te tekenen met het Potloodgereedschap (F6):

An example image

Indien je meer regelmatige vormen wil, gebruik dan het gereedschap Pen (Bezier) (Shift+F6):

An example image

With the Pen tool, each click creates a sharp node without any curve handles, so a series of clicks produces a sequence of straight line segments. click and drag creates a smooth Bezier node with two collinear opposite handles. Press Shift while dragging out a handle to rotate only one handle and fix the other. As usual, Ctrl limits the direction of either the current line segment or the Bezier handles to 15 degree increments. Pressing Enter finalizes the line, Esc cancels it. To cancel only the last segment of an unfinished line, press Backspace.

Zowel bij het uit de vrije hand tekenen als het Bezier-gereedschap vertonen de geselecteerde paden kleine vierkante ankers op beide uiteinden. Deze ankers laten je toe om dit pad te verlengen (door vanaf een anker te tekenen) of sluiten (door van een anker naar een ander te tekenen) in plaats van een nieuw pad te maken.

Paden bewerken

In tegenstelling met vormen gemaakt met de vormgereedschappen, creëren de gereedschappen Pen en Potlood paden. Een pad is een sequentie van rechte lijnsegmenten en/of Bezier curves die, zoals elk ander Inkscape object, arbitraire vullings- en lijneigenschappen kunnen hebben. Maar in tegenstelling met een vorm kan een pad bewerkt worden door het vrij verslepen van een van zijn knooppunten (geen voorgedefinieerde handvatten) of het direct slepen van een segment van het pad. Selecteer dit pad en ga over naar het Knooppunt-gereedschap (F2):

An example image

Je zal een aantal grijze vierkante knooppunten op het pad zien. Deze knooppunten kunnen geselecteerd worden door klikken, Shift+klikken of het trekken van een elastiek - net zoals het selecteren objecten met het selectiegereedschap. Je kan ook op een padsegment klikken om automatisch de aanpalende knooppunten te selecteren. Geselecteerde knooppunten lichten op en tonen kun knooppunthandvatten - een of twee kleine cirkels op lijnstukken aan elk knooppunt. De toets ! inverteert de knooppuntselectie in de huidige subpad(en) (subpaden met tenminste één geselecteerd knooppunt); Alt+! inverteert het volledige pad.

Paths are edited by dragging their nodes, node handles, or directly dragging a path segment. (Try to drag some nodes, handles, and path segments of the above path.) Ctrl works as usual to restrict movement and rotation. The arrow keys, Tab, [, ], <, > keys with their modifiers all work just as they do in selector, but apply to nodes instead of objects. You can add nodes anywhere on a path by either double clicking or by Ctrl+Alt+click at the desired location.

You can delete nodes with Del or Ctrl+Alt+click. When deleting nodes it will try to retain the shape of the path, if you desire for the handles of the adjacent nodes to be retracted (not retaining the shape) you can delete with Ctrl+Del. Additionally, you can duplicate (Shift+D) selected nodes. The path can be broken (Shift+B) at the selected nodes, or if you select two endnodes on one path, you can join them (Shift+J).

A node can be made cusp (Shift+C), which means its two handles can move independently at any angle to each other; smooth (Shift+S), which means its handles are always on the same straight line (collinear); symmetric (Shift+Y), which is the same as smooth, but the handles also have the same length; and auto-smooth (Shift+A), a special node that automatically adjusts the handles of the node and surrounding auto-smooth nodes to maintain a smooth curve. When you switch the type of node, you can preserve the position of one of the two handles by hovering your mouse over it, so that only the other handle is rotated/scaled to match.

Verder kan je knooppunthandvatten terugtrekken door erop te Ctrl+klikken. Indien de handvatten van twee opeenvolgende knooppunten teruggetrokken zijn, is het padsegment ertussen een rechte lijn. Shift+sleep een knooppunt om een teruggetrokken handvat uit te trekken.

Subpaden en combineren

Een pad kan meerdere subpaden bevatten. Een subpad is een sequentie van verbonden knooppunten. (Indien bijgevolg een pad meer dan een subpad bevat, zijn niet alle knooppunten met elkaar verbonden.) Onderaan links behoren de drie subpaden tot één samengesteld pad; de drie zelfde subpaden rechts zijn onafhankelijke paden:

An example image

Noteer dat een samengesteld pad niet hetzelfde is als een groep. Het is één object dat slechts selecteerbaar is als geheel. Indien je het object links selecteert en overschakelt naar het knooppuntengereedschap, zal je knooppunten zien op alle drie de subpaden. Rechts kan je de knooppunten van slechts één pad per keer bewerken.

Inkscape kan paden Combineren in een samengesteld pad (Ctrl+K) en een samengesteld pad Opdelen in verschillende paden (Shift+Ctrl+K). Probeer deze opdrachten op bovenstaande voorbeelden. Aangezien een object maar één vulling en lijn kan bevatten, krijgt een nieuw samengesteld pad de stijl van het eerste (laagste in z-volgorde) object.

Wanneer je overlappende paden met vulling combineert, zal de vulling meestal verdwijnen waar de paden overlappen:

An example image

Dit is de eenvoudigste wijze om objecten te maken met gaten. Voor krachtigere padopdrachten, zie hieronder bij “Booleaanse opdrachten”.

Converteren naar pad

Elke vorm of tekstobject kan omgezet worden naar een pad (Shift+Ctrl+C). Deze operatie verandert het uiterlijk van het object niet, maar verwijdert alle vormspecifieke eigenschappen (je kan bijvoorbeeld de hoeken van een rechthoek niet afronden of tekst wijzigen). Daarentegen kan je nu zijn knooppunten wijzigen. Hier zijn twee sterren - de linkse is een vorm en de rechtse is geconverteerd naar een pad. Ga naar het knooppuntengereedschap en vergelijk de bewerkbaarheid bij selectie:

An example image

Bovendien kan je de lijn van elk object converteren naar een pad (“omlijning”). Hieronder is het eerste object het originele pad (zonder vulling, zwarte lijn), terwijl het tweede het resultaat is van de opdracht Lijn naar pad (zwarte vulling, geen lijn):

An example image

Booleaanse opdrachten

De opdrachten in het menu Paden laten je twee of meer objecten combineren door middel van booleaanse opdrachten:

An example image

De toetsenbordcombinaties voor deze opdrachten vertonen overeenkomsten met de wiskundige analogen van de operaties (vereniging is optelling, verschil is aftrekken, etc.). De opdrachten Verschil en Uitsluiten kunnen enkel op twee geselecteerde objecten toegepast worden, andere op een variabel aantal objecten. Het resultaat krijgt telkens de stijl van het onderste object.

Het resultaat van de opdracht Uitsluiten is gelijkaardig aan Combineren (zie hierboven), maar het verschil is dat Uitsluiten extra knooppunten toevoegt waar originele paden kruisen. Het verschil tussen Splitsen en Pad versnijden is dat het eerste het volledige bodemobject knipt van het pad van het bovenliggende object, waar het tweede enkel de lijn van het onderste object knipt en vulling verwijdert (dit is handig voor het snijden van vullingsloze lijnen in stukken).

Vernauwen en verwijden

Inkscape kan vormen vernauwen en verwijden, niet alleen door schalen, maar ook door verplaatsen van het pad van een object, bijvoorbeeld door verplaatsing loodrecht op het pad in elk punt. De overeenkomstige opdrachten zijn Vernauwen (Ctrl+() en Verwijden (Ctrl+)). Hieronder is het originele pad (rood) en een aantal vernauwde en verwijdde paden:

An example image

De ruwe opdrachten Vernauwen en Verwijden maken paden (het origineel object wordt een pad indien het nog geen pad is). Bijgevolg is de Dynamische offset (Ctrl+J) vaak handiger dat een object maakt met een versleepbaar handvat (vergelijkbaar met een handvat van een vorm) dat de verplaatsing bepaalt. Selecteer het onderstaande object, ga naar het knooppuntengereedschap en versleep het handvat om een idee te krijgen:

An example image

Zo'n 'dynamische offset'-object onthoudt het origineel pad, zodat het niet “degradeert” wanneer je de verplaatsingsafstand keer op keer aanpast. Wanneer je de aanpasbaarheid niet meer nodig hebt, kan je het 'dynamische offset'-object altijd terug converteren naar een pad.

Nog handiger is een gekoppelde offset, die gelijkaardig is aan de dynamische offset, maar verbonden is met een ander pad dat bewerkbaar blijft. Je kan een willekeurig aantal gekoppelde offsets hebben voor één bronpad. Hieronder is het bronpad rood, één gekoppelde offset heeft een zwarte lijn en geen vulling, de andere heeft zwarte vulling en geen lijn.

Selecteer het rode object en bewerk zijn knooppunten: zie hoe beide gelinkte offsets veranderen. Selecteer nu een van de gekoppelde offsets en versleep zijn handvat om de offsetafstand aan te passen. Noteer tot slot hoe het verplaatsen of transformeren van de bron alle gelinkte objecten verplaatst en hoe je de gelinkte objecten onafhankelijk verplaatst of transformeert zonder de connectie met de bron te verliezen.

An example image

Vereenvoudigen

De belangrijkste toepassing van de opdracht Vereenvoudigen (Ctrl+L) is het reduceren van het aantal knooppunten van een pad, maar met zo goed mogelijk behoud van de vorm. Dit kan bruikbaar zijn voor paden gemaakt met het Potlood, aangezien dat gereedschap soms meer knooppunten maakt dan nodig. Hieronder is de linkse vorm getekend uit de vrije hand en de rechtse is een vereenvoudigde kopie. Het originele pad bevat 28 knooppunten waar het vereenvoudigde pad er 17 heeft (dit betekent dat het veel eenvoudiger is om mee te werken in het knooppuntengereedschap) en gladder is.

An example image

De mate van vereenvoudigen (de grenswaarde genoemd) hangt af van de grootte van de selectie. Indien je bijgevolg een pad samen met een groter object selecteert, zal het meer aggressief vereenvoudigd worden dan wanneer je het pad alleen selecteert. De opdracht Vereenvoudigen is bovendien versneld. Dit betekent dat wanneer je verschillende keren snel achtereen ( 0.5 sec) op Ctrl+L drukt, de grenswaarde elke keer verhoogt. (Indien je opnieuw vereenvoudigt na een kleine pauze, is de grenswaarde opnieuw de standaardwaarde.) Door gebruik te maken van de versnelling, is het eenvoudig om de juiste hoeveelheid vereenvoudiging toe te passen voor elke situatie.

Behalve het glad maken van vrij getekende lijnen, kan Vereenvoudigen gebruikt worden voor diverse creatieve effecten. Een vorm die rigide en geometrische is, heeft vaak voordeel bij een bepaalde mate van vereenvoudiging voor coole realistische veralgemeningen van het origineel - afronden van scherpe hoeken en introduceren van natuurlijke vervormingen, soms stijlvol en soms gewoon grappig. Hier is een voorbeeld van een clipart vorm die veel leuker oogt na Vereenvoudigen:

An example image

Maken van tekst

Inkscape kan lange en complexe teksten maken. Echter, het is tevens handig om kleine tekstobjecten te maken zoals, hoofdingen, banners, logo's, labels, onderschriften, etc. Deze sectie geeft een korte introductie in Inkscape's tekstmogelijkheden.

Een tekstobject maken is zo eenvoudig als het openen van het tekstgereedschap (F8), ergens in het document te klikken en je tekst te typen. Open het dialoogvenster Tekst en lettertype om lettertypefamilie, stijl, grootte en uitlijning te veranderen (Shift+Ctrl+T). Dit dialoogvenster bevat ook een tabblad voor wijziging van de tekst van het geselecteerde object - in sommige situaties is dit handiger dan direct bewerken op het canvas (in het bijzonder ondersteund deze tab spellingscontrole tijdens het typen).

Zoals andere gereedschappen kan het tekstgereedschap objecten van het eigen type selecteren - tekstobjecten - zo kan je klikken om te selecteren en de cursor te positioneren in een bestaand tekstobject (zoals deze paragraaf).

Een van de meest voorkomende handelingen in tekstontwerp is het aanpassen van de afstand tussen letters en lijnen. Zoals gewoonlijk heeft Inkscape hiervoor sneltoetsen. Tijdens het wijzigen van tekst veranderen Alt+< en Alt+> de letterafstand in de huidige lijn van het tekstobject zodat de totale lengte van de lijn verandert met 1 pixel bij de huidige zoom (vergelijk met het selectiegereedschap waar dezelfde toetsen schalen op pixelniveau). Indien de lettergrootte in een tekstobject groter is dan standaard, zal het algemeen gunstig zijn om letters dichter opeen te plaatsen dan normaal. Zie hier een voorbeeld:

An example image

De smallere variant ziet er beter uit als een hoofding, maar het is nog steeds niet perfect: de afstanden tussen letters zijn niet uniform. Bijvoorbeeld, de “a” en “t” staan te ver van elkaar, terwijl “t” en “i” te dicht opeen staan. Het aantal slechte tekenspatiëringen (vooral zichtbaar in hoge lettertypegroottes) is groter bij lettertypes van lage kwaliteit dan bij hoge kwaliteitslettertypes. Echter, in elke tekst en bij elk lettertype, zal je wellicht letterparen vinden die voordeel ondervinden van aanpassingen in de tekenspatiëring.

Inkscape maakt deze aanpassingen echt eenvoudig. Verplaats je cursor in tekstbewerkingsmodus tussen de bewuste tekens en gebruik Alt+pijltjestoetsen om de letters rechts van de cursor te verplaatsen. Hier is dezelfde hoofding, deze keer met manuele aanpassingen voor visueel uniforme tekenpositionering.

An example image

Naast letters horizontaal verplaatsen met Alt+Links of Alt+Rechts, kan je ze ook verticaal verplaatsen met Alt+Omhoog of Alt+omlaag:

An example image

Je kan natuurlijk je tekst gewoon omzetten naar een pad (Shift+Ctrl+C) en de letters verplaatsen als een reguliere paden. Het is echter handiger om tekst als tekst te behouden - het blijft bewerkbaar. Je kan verschillende lettertypes proberen zonder de tekenspatiëring te verwijderen en neemt het minder plaats in in het bewaarde bestand. Het enige nadeel van de “tekst als tekst”-benadering is dat je het originele lettertype geïnstalleerd moet hebben op elk systeem waarop je het SVG-document wil openen.

Gelijkaardig aan de tekenspatiëring kan je de regelafstand in meerlijnige tekstobjecten aanpassen. Probeer Ctrl+Alt+< en Ctrl+Alt+> op eender welke paragraaf in deze handleiding om de totale hoogte van het tekstobject te verlagen/verhogen met 1 pixel bij de huidige zoom.

XML-editor

Het ultieme gereedschap van Inkscape is de XML-editor (Shift+Ctrl+X). Het toont de volledige XML-boom van het document en geeft altijd de huidige status weer. Je kan je tekening bewerken en de overeenkomstige veranderingen in de XML-boom zien. Bovendien kan je teksten, objecten of attributen wijzigen inde XML-boom en het resultaat zien op het canvas. Dit is het beste gereedschap om SVG op interactieve wijze te leren en het laat je toe om trucs toe te passen die onmogelijk zijn met reguliere bewerkingsprogramma's.

Conclusie

Deze handleiding toont slechts een kleine fractie van alle mogelijkheden van Inkscape. We hopen dat je het tof vond. Aarzel niet om te experimenteren en te delen wat je maakt. Bezoek www.inkscape.org a.u.b. voor meer informatie, de laatste versies en help van de gebruikers- en ontwikkelgemeenschap.